Name ship: GRADA

Terug naar de vorige pagina  |  Print record  |  Nieuwe zoekactie

Identification Data

Year built: 1932
Classification Register: Lloyd's Register of Shipping (LR)
IMO number:
Nat. Official Number: 1549 Z GRON 1932
Category: Cargo vessel
Propulsion: Motor Vessel
Type: General Cargo
Standard Ship Type:
Type Deck: Flush deck
Masts: One mast
Rig: 2 derricks
Lift Capacity:
Material Hull: Steel
Decks: 1
Construction Data

Shipbuilder: Scheepsbouw- & Reparatiewerf J. Vos & Zoon, Groningen, Netherlands
Yardnumber: 70
Date Laid Down:
Launch Date: 1932-01-14
Delivery Date: 1932-05-18
Technical Data

Engine Manufacturer: N.V. Appingedammer Bronsmotorenfabriek, Appingedam, Netherlands
Engine Type: Motor, Oil, 4-stroke single-acting
Number of Cylinders: 3
Power: 120
Power Unit: BHP (APK, RPK)
Eng. additional info: Brons Nr. 1658 Type C/D (280x350)
Speed in knots: 7.50
Number of screws: 1
 
Gross Tonnage: 199.00 Gross tonnage
Net Tonnage: 125.00 Net tonnage
Deadweight: 255.00 tonnes deadweight (1000 kg)
Grain: 12573 Cubic Feet
Bale: 11700 Cubic Feet
 
Length 1: 35.45 Meters Length overall (Loa)
Length 2: 33.16 Meters Length between perpendiculars (Lbp)
Beam: 6.31 Meters Breadth, moulded
Depth: 2.48 Meters Depth, moulded
Draught: 2.45 Meters Draught, maximum
 
Configuration Changes

1946-02-00: Nieuwe hoofdmotor ingebouwd bij Scheepswerf Sander: 2tew 6 cil 150 PK Crossley Type (x) 9,5 Kn.

1949-07-00: Nieuwe hoofdmotor ingebouwd bij Scheepswerf Sander: 4tew 6 cil 180 PK MAK Type (215x360) 9,5 Kn.

Certificate of Registry
Ship History Data

Date/Name Ship 1932-05-18 GRADA
Manager: E. Wagenborg's Scheepvaart- & Expeditiebedrijf N.V., Delfzijl, Netherlands
Owner: Pouwel Westers Fzn, Groningen, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Groningen / Netherlands
Callsign: NVCH
Additional info: 1934 call sign PEFK

Date/Name Ship 1935-07-15 GRADA
Manager: E. Wagenborg's Scheepvaart- & Expeditiebedrijf N.V., Delfzijl, Netherlands
Owner: Fa. P. Westers & Zn. (Grada Franzisca Westers-Claus & Frans P.J. Westers), Groningen, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Groningen / Netherlands
Callsign: PEFK
Additional info:

Date/Name Ship 1951-06-28 GRADA
Manager: E. Wagenborg's Scheepvaart- & Expeditiebedrijf N.V., Delfzijl, Netherlands
Owner: Geert Klompien, Delfzijl, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Delfzijl / Netherlands
Callsign: PEFK
Additional info: Fl 157.500

Date/Name Ship 1951-08-10 AMELAND
Manager: E. Wagenborg's Scheepvaart- & Expeditiebedrijf N.V., Delfzijl, Netherlands
Owner: Geert Klompien, Delfzijl, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Delfzijl / Netherlands
Callsign: PCOP
Additional info:

Date/Name Ship 1955-04-01 DRIEBORG
Manager: N.V. Scheepvaartbedrijf Poseidon, Delfzijl, Netherlands
Owner: Hayeltjo Oldenburger en Eeltje Roelf Prenger, Delfzijl, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Delfzijl / Netherlands
Callsign: PDTM
Additional info:

Date/Name Ship 1956-02-10 BERMUDA
Manager: Firma A. van Dijk, Delfzijl, Netherlands
Owner: Rederij 'Bermuda', Delfzijl, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Delfzijl / Netherlands
Callsign: PDBC
Additional info: Marten Boonstra, Johannes Kist & Geert van Hoorn

Ship Events Data

1932-03-16: Ze wordt op 16.03.1932, liggende te Groningen, door J.L. Kleijn, scheepsmeter te Groningen ten verzoeke van Pouwel Westers, schipper te Groningen, voorzien van brandmerk 1549 Z GRON 1932 door inbeiteling op het achterschip aan B.B. zijde achter op verhoogd achterdek.

1932-05-18: NvhN 19-05-1932: Het nieuwe motorschip „GRADA”. Op de Eems bij Delfzijl vond gisteren de goed geslaagde proefvaart plaats van het nieuwe motorschip „Grada", gebouwd onder klasse Germ. Lloyd en Scheepvaart-Inspectie, Noord- en Oostzeevaart op de werf van de heeren J. Vos en Zn. te Groningen voor rekening van kapt. Paul Westers te Groningen. Het schip heeft de volgende afmetingen: lengte over de stevens-33.16 M„ breedte op buitenkant grootspant 6.35 M., holte in de zijde 2.65 M. Het is groot netto 354 M 3. en bruto 563 M 3. Voor de voortstuwing is in de motorkamer een viertact Brons motor opgesteld. Deze motor is in drie cylinder uitvoering met een vermogen van 105—120 e.p.k bij 290 omwentelingen per minuut. Voor de aandrijving der hulpwerktuigen is in de motorkamer een viertact compressorlooze Deutz Dieselmotor opgesteld van 6—7 e.p.k. Deze motor drijft een compressor, een lenspomp en een dynamo aan. De geheele verlichting geschiedt electrisch. Voor het laden en lossen is op het mastdek achter de mast een motordeklier geplaatst. Deze lier wordt gedreven door een viertact Lister hooge druk ruwolie motor van 6—7 e.p.k. Het schip, dat op de proefvaart een snelheid behaalde van 7 ¾ mijl, is modern en geriefeiijk ingericht en voldeed ruim aan de gestelde eischen. Na de proefvaart werd het met volle tevredenheid door den kapitein overgenomen.

1940-05-00: 16 mei 1940 ingeschreven bij de Netherlands Shipping & Trading Committee, Londen, Engeland. Op 1 juni 1945 weer terug aan eigenaresse.

1960-01-20: Final Fate: Op weg met 250 ton gestort brouwerijgerst van Kings Lynn naar Wijneghem (Antwerpen) ten gevolge machineschade en lekkage in moeilijkheden geraakt. In zware storm werd sleepboothulp van de 'Gele Zee' aanvaard maar op 5 kilometer van Hoek van Holland sloeg het schip plotseling om en zonk. Hierbij kwamen zes bemanningsleden om. Gelicht op 13 sept. 1960 en in okt. 1960 gesloopt door Frans Rijsdijk N.V. te H.I. Ambacht. Hierbij werden de lichamen van twee opvarenden in de machinekamer gevonden. Het lichaam van kapitein Anne Westers spoelde pas op 10 juni 1961 aan op de Deense kust.

NvhN 21-01-1960: (Bekort) : Aangeboden hulp werd niet aanvaard. Maar storm en zee werden er niet beter op en het zag er voor de kustvaarder, die moeizaam tegen de zeeën optornde, niet zo prettig uit. Kapitein Westers had over de radio een gesprek met zijn reders en hij meldde dat het weer bar slecht was en dat hij eigenlijk wel een sleepboot nodig had. Dit gesprek werd rond één uur in de middag gevoerd. De reders stemden toe in sleepboothulp en de Gele Zee kroop zo dicht mogelijk onder de voorsteven van de Bermuda. Om 1.20 uur stond de tros vast en begon het slepen op een tros van 500 meter lengte. Bolder los. Het stormde hard, vertelde kapitein Van Rijswijk. West-zuid-west, kracht tien en een hoge, wilde zee. „Met langzaam draaiende machine legde ik de sleep met de kop op zee om wat verder van de kust te komen en dan mijn kans af te wachten om op de Waterweg af te gaan. Maar dat langzaam draaien was blijkbaar nog te veel. Om 2 uur sloegen wij van de Bermuda los omdat wij de bolder, waaraan onze tros op de Bermuda was bevestigd, van dek los trokken". „We haalden dc tros zo snel mogelijk aan boord en keerden terug naar de Bermuda. Om 14.35 uur stond de tros weer vast. Zo jong als ze waren het waren pracht zeelieden, die kerels van de Bermuda", zei kapitein Van Rijswijk. „Zo snel als zij die tros van ons aan boord hadden en handig vastmaakten, zulk werk op een scheepje dat onophoudelijk door stortzeeën wordt overspoeld dat is vakwerk. Op de kustvaart zitten ras-zeelui. En die van de Bermuda behoorden ertoe". „Ik heb toen met de kapitein van de Bermuda gesproken: De wind gaat recht tegen de eb in, zei ik hem. En dat geeft voor de Waterweg een bijzonder gemene en gevaarlijke zet ten wij even afwachten tot het tij keer, en de wind misschien wat afneemt. Dan hebben we een betere kans. Maar als je nu naar binnen wilt, dan gaan we. Ze wilden liever naar binnen. „Bij ons is niks in de weg", zei kapitein Westers. „De luiken zijn dicht". We waren toen recht voor de mond van de Waterweg, afstand vier mijl. Voor de zee wegslepend ging ik op het zeegat af". Hij kapseist „We zullen zo een goed half uur hebben gesleept toen het gebeurde. Ik stond in de stuurhut toen een van mijn mannen kwam zeggen: „Kaptein, kom eens kijken hij kapseist". Ik ging naar buiten en zag achteruit dat de Bermuda was omgeslagen. Ik gooide de remmen van de sleeptrommel los en liet de draad glippen. Toen hard bakboord-roeren naar het gekapseisde scheepje. Geen vijf minuten later voer ik er langs, op geen tien meter afstand. Niets te zien, geen mens, dood of levend". „Ik ging rond, kwam er aan de andere kant weer langs. Niets te zien van de mensen. Wat verder dreef de omgeslagen sloep van de Bermuda. Ook daar geen mens te zien in zee. Meer dan een uur heb ik er rondgevaren, naar alle kanten de zee afgespeurd, maar zonder resultaat. En de omgeslagen Bermuda dreef maar rond, de kiel naar boven. Het zal ongeveer vier uur zijn geweest, toen het scheepje in de golven verdween". Even stopte het verhaal, toen weer: „Die sleep kan me niets schelen, maar de mensen. Ik heb niets voor hen kunnen doen". Met de reders heeft kapitein Van Rijswijk vlak na binnenkomst een onderhoud gehad. Zij waren de eersten die hoorden hoe hun scheepje in het zicht van de veilige haven onderging. En met de Bermuda de gezagvoerder en vier jonge zeelieden.

NvhN 03-02-1960: Sinds enkele dagen speuren de twee betonningsvaartuigen Kramme en Delfshaven de zeebodem voor de Waterweg af naar het wrak. Op de plaats waar de Gele Zee het met de kiel naar boven drijvende wrak voor het laatst waarnam vóór het onder de golven verdween, heeft men het scheepje niet gevonden. Aannemende dat het onder water nog korte tijd heeft gezweefd, wordt nu, als het weer het toelaat, gezocht naar de BERMUDA. Met stalen kabel. Dit geschiedt, gezien wind en stroom zoals die op de middag van de 20ste januari voor de Waterweg doorstonden, voornamelijk in noordelijke richting. Beide betonningsvaartuigen slepen een stalen kabel tussen zich in, in de hoop dat deze op het wrak zal haken. Voorts wordt met het echolood naar elke verheffing van de zeebodem in het te doorzoeken gebied gespeurd. Tot nu toe echter zonder resultaat. Het onderzoek wordt echter voortgezet, ook al omdat bij eventueel vinden van het wrak onderzocht kan worden, of zich nog stoffelijke overschotten van omgekomen bemanningsleden in het schip bevinden. Die zou men dan kunnen bergen. Het is goed mogelijk, dat de Bermuda gezonken is op een plaats waar genoeg water boven het wrak staat, zodat de scheepvaart er geen hinder van ondervindt. Dreggen naar tros. In opdracht van L. Smit en Co.'s Internationale Sleepdienst is het bergingsbedrijf van Van den Tak op zee doende te dreggen naar de waardevolle stalen sleeptros, die de Gele Zee moest laten slippen, toen de Bermuda kapseisde. Het is ook mogelijk dat het vinden van deze tros naar de plaats van het wrak leidt, omdat verondersteld mag worden, dat de sleeptros nog op de Bermuda vaststond toen het scheepje kapseisde.

De Waarheid 06-02-1960: Wrak „BERMUDA". Nadat het wrak van de op 20 januari voor Hoek van Holland gekapseisde en gezonken „Bermuda" sindsdien onvindbaar is geweest, hebben betonningsvaartuigen het wrak thans gelocaliseerd en er een lichtboei bij geplaatst. Het wrak ligt op ongeveer 2 mijl ten noorden van de noorderpier van Hoek van Holland. Zoals gemeld zijn bij de ramp met de „Bermuda" (199 brt) in het stormweer van de twintigste januari alle vijf bemanningsleden verdronken. Het schip was onderweg van Kingslynn naar Wijeghem bij Antwerpen met een lading brouwgerst. De worsteling van de „Bermuda" met de elementen heeft geduurd van 's morgens half vijf tot vijf minuten voor drie 's middags, toen het schip, reeds gesleept door de sleepboot „Gele Zee" kantelde en onder de golven verdween. Men nam aan dat de vijf bemanningsleden in de stuurhut opgesloten zaten. Er zijn nog geen stoffelijke overschotten geborgen. Aan boord van het schip, eigendom van de rederij „Bermuda" te Delfzijl bevonden zich de 43-jarige kapitein A. Westers uit Suffolk in Engeland, de 19-jarige bestman J. Schokkenbroek uit Stadskanaal, de 17-jarige matroos J. Sturm uit Vlissingen, de 19-jarige matroos onder de gage F. Kats uit Den Haag en de 16-jarige kok A. L. Hofstra uit Leeuwarden.

NvhN 25-02-1960: Begrafenis van J. Schokkenbroek te Stadskanaal. Gistermiddag is op de algemene begraafplaats te Stadskanaal het stoffelijk overschot ter aarde besteld van de 19-jarige Jan Schokkenbroek, een der opvarenden van de 20 januari voor Hoek van Holland gezonken kustvaarder BERMUDA, wiens lijk vrijdag op het strand van Wassenaar is aangespoeld. Enkele honderden volgden de jonge man, die zich in zijn korte leven zulk een groot aantal vrienden wist te maken. De heer J. Meertens uit Groningen nam afscheid namens de Algemene Schippers Vereniging en als vriend des huizes. Ds. J. G. U. van Hoogstraten besloot de plechtigheid met het Onze Vader. De heer J. Thalens sprak namens de familie een dankwoord.

NvhN 23-12-1960: Raad voor de Scheepvaart. Zware storm voornaamste oorzaak van ramp met de BERMUDA. De Raad voor de Scheepvaart heeft vanmorgen de ramp met de Groninger kustvaarder Bermuda behandeld. Op 20 januari van dit jaar is dit nog geen 199 brt. metende schip, toen het door dle sleepboot Gele Zee in een zware storm in de richting van de Nieuwe Waterweg werd gesleept, gekapseisd, waarbij alle vijf opvarenden om het leven zijn gekomen. De kapitein van de Gele Zee, de heer M. van Rijswijk uit Schiedam, werd door de Raad als getuige gehoord. Hij sprak zijn grote bewondering uit voor de jeugdige bemanningsleden van de Bermuda, die op voortreffelijke wijze hadden meegewerkt om het schip vast te maken. In overleg met de kapitein van de Bermuda had kapitein Rijswijk, nadat hij aanvankelijk het in nood verkerende schip in de Richting van de zee had gesleept, toen het tij gunstig werd, rond gebracht om te trachten het schip binnen te brengen. Voor de Waterweg was de bolder op de Bermuda uit het dek getrokken. Opnieuw werd het schip vastgemaakt. Het voer prachtig achter de Gele Zee toen het plotseling kapseisde. Naar de mening van de hoofdinspecteur van Scheepvaart, de heer J. Metz, moet de zware storm als voornaamste oorzaak van deze scheepsramp gezien worden. De heer Metz concludeerde aan de hand van de slagzij van ongeveer twintig graden, die de Bermuda maakte, dat er water in het ruim geweest moet zijn. Als mogelijke inlaat voor dit water noemde de heer Metz de voorluchtkoker. Als lering wilde de heer Metz, die evenals de Raad zijn deelneming uitsprak met de nabestaanden van de slachtoffers, uit deze scheepsramp trekken, dat in een dergelijk geval met een klein schip, men moet trachten zo lang mogelijk op zee te blijven. Als men dan persé toch rond zou moeten gaan, dan zou het schip verlaten moeten worden. De Raad zal zijn mening over deze scheepsramp schriftelijk bekend maken.

Ship Masters Data

Images


Description: De proefvaart en oplevering van de 'Grada' op 18 mei 1932
Image type: Photo

Description: Grada 1932.
Image type: Photo

Description: Ameland 1932 ex Grada
Image type: Photo

Description: 'Ameland' (ex 'Grada')
Image type: Photo

Description: Drieborg 1932 ex Ameland ex Grada
Image type: Photo

Description: 'Bermuda' (ex 'Grada')
Image type: Photo
Sources