Name ship: ATJEH

Terug naar de vorige pagina  |  Print record  |  Nieuwe zoekactie

Identification Data

Year built: 1939
Classification Register: Bureau Veritas (BV)
IMO number: 5314901
Nat. Official Number:
Category: Tanker
Propulsion: Motor Vessel
Type: Tanker, Edible Oil
Standard Ship Type:
Type Deck: Flush deck
Masts:
Rig:
Lift Capacity:
Material Hull:
Decks: 1
Construction Data

Shipbuilder: N.V. Droogdok Maatschappij 'Soerabaja', Surabaya, Indonesia
Yardnumber: 195
Date Laid Down:
Launch Date: 1938-11-18
Delivery Date: 1939-02-25
Technical Data

Engine Manufacturer: Werkspoor N.V., Amsterdam, Netherlands
Engine Type: Motor, Oil, 4-stroke single-acting
Number of Cylinders: 6
Power: 350
Power Unit: BHP (APK, RPK)
Eng. additional info: Werkspoor Type (222x292)
Speed in knots: 9.00
Number of screws: 1
 
Gross Tonnage: 495.00 Gross tonnage
Net Tonnage: 269.00 Net tonnage
Deadweight: 552.00 tonnes deadweight (1000 kg)
Liquid: 31000 Cubic Feet
 
Length 1:
Length 2: 50.30 Meters Registered
Beam: 9.22 Meters Breadth, moulded
Depth: 3.48 Meters Depth, moulded
Draught:
 
Configuration Changes

1948-00-00: Verbouwd. GRT 518, NRT 300, TDW 568, L. 165.0 (was 158.5)

Certificate of Registry
Ship History Data

Date/Name Ship 1939-02-25 ATJEH
Manager: N.V. Koninklijke Paketvaart-Maatschappij, Amsterdam, Netherlands
Owner: N.V. Koninklijke Paketvaart-Maatschappij, Amsterdam, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Batavia / Netherlands East Indies
Callsign: PKOL
Additional info: Palmolietanker. 1949 thuishaven Amsterdam, callsign PCVF

Date/Name Ship 1958-06-00 SEMPANA
Manager: Unknown, Indonesia
Owner: Unknown, Indonesia
Shareholder:
Homeport / Flag: Indonesia
Callsign:
Additional info: Chinese eigenaren.

Date/Name Ship 1959-00-00 SEMPANA
Manager: Republik Indonesia, Djakarta, Indonesia
Owner: Republik Indonesia, Djakarta, Indonesia
Shareholder:
Homeport / Flag: Djakarta / Indonesia
Callsign:
Additional info:

Date/Name Ship 1959-09-00 SAWIT
Manager: P.T. Maskapai Pelayaran Kidang Mas, Djakarta, Indonesia
Owner: P.T. Maskapai Pelayaran Kidang Mas, Djakarta, Indonesia
Shareholder:
Homeport / Flag: Djakarta / Indonesia
Callsign:
Additional info:

Date/Name Ship 1962-00-00 SAWIT
Manager: P.T. Wasesa Line, Djakarta, Indonesia
Owner: P.T. Wasesa Line, Djakarta, Indonesia
Shareholder:
Homeport / Flag: Djakarta / Indonesia
Callsign: PKMB
Additional info:

Date/Name Ship 1972-00-00 SAWIT
Manager: P.T. Wasesa Line, Jakarta, Indonesia
Owner: P.T. Wasesa Line, Jakarta, Indonesia
Shareholder:
Homeport / Flag: Jakarta / Indonesia
Callsign: PKMB
Additional info:

Date/Name Ship 1982-00-00 BAHAGIA VII
Manager: P.T. Pelayaran Nusantara Salam Sejahtera, Palembang, Indonesia
Owner: P.T. Pelayaran Nusantara Salam Sejahtera, Palembang, Indonesia
Shareholder:
Homeport / Flag: Palembang / Indonesia
Callsign:
Additional info:

Date/Name Ship 198? BAHAGIA VII
Manager: P.T. Pelayaran Nusantara Salem Pacific Indonesia Lines, Jakarta, Indonesia
Owner: P.T. Pelayaran Nusantara Salem Pacific Indonesia Lines, Jakarta, Indonesia
Shareholder:
Homeport / Flag: Jakarta / Indonesia
Callsign:
Additional info:

Ship Events Data

1938-11-18: Algemeen Handelsblad 19-11-1938: Scheepsbouwend Soerabaja. Nieuwe K.P.M.-er te water. Soerabaja, 19 Nov. Onder groote belangstelling werd gisteravond door mevrouw De Jong het nieuwe K.P.M.-schip „ATJEH" te water gelaten. Tevoren waren toespraken gehouden door de heeren Thomson, waarnemend administrateur van het Soerabajaasch dok, en De Jong, directeur van de K.P.M. (Aneta).

1939-02-27: Soerabaijasch Handelsblad 27-02-1939: Palmolievrachtschip „ATJEH” der K.P.M. Geslaagde proefvaart in Straat Madoera.
Het voor rekening van de K. P. M. bij de Droogdok Mij. gebouwde palmolievrachtschip „Atjeh" heeft Zaterdagochtend een geslaagden proeftocht in Straat Madoera gemaakt, gedurende welken het schip officieel aan de opdrachtgeefster is overgedragen. Omstreeks 9 uur verzamelden zich talrijke genoodigden op de terreinen van de Droogdok Mij., waar het nieuwe schip, glanzend en blinkend, klaar lag om zee te kiezen. Opgemerkt werden o.a. de heeren H. L. de Vries, agent der K.P.M. alhier, als vertegenwoordiger der Directie dezer Maatschappij, J. C. Falthe Wesenhage, sub-agent der K.P.M. alhier, Walhain, Roman en Veer van den Techn. Dienst der K.P.M., de heer Verhagen, chef equipage en kapitein Vos der K. P. M., de directeur der haven Ir. Steinmetzen, Havenmeester K. Boeve, Ir. J. W. Hanrath, agent van „Werkspoor", Lloyd's surveyor J. F. Vrouwes en surveyor G. J. Cornelis van Bureau Veritas (door welk bureau het schip geclassificeerd is), P. Runia en G. Leid, technische experts van de Scheepvaart-inspectie en Ir. J. W. R Thomson, wn. administrateur der Droogdok Mij. met de ass. bedrijfsleiders H. 't Hart en A. J. Cameron.
Overdracht aan de K.P.M. Inmiddels was de „Atjeh" ter hoogte van Grissee aangekomen en werden de machines gestopt. De gasten verzamelden zich op het dek bij den mast, waar Ir. Thomson het woord nam. Spr. vertelde, dat de proeven beëindigd zijn en gebleken is, dat het schip aan de gestelde verwachtingen heeft voldaan. De „Atjeh" is grooter dan vroegere voor de KP.M. gebouwde schepen. Het ontwerp van het schip vervaardigde Ir. Schepers van de K.P.M., terwijl de machineinstallatie en die voor het laden en lossen der palmolie van Ir. Kuipers, chef van den Technischen Dienst der K.P.M. zijn. Spr. uitte woorden van dan voor het in de Droogdok Mij. gestelde vertrouwen en voor de prettige samenwerking met en medewerking van de technici van opdrachtgeefster. Op dit kleine schip (het meet 48,40 x 9,20 \ 4.00 meters) zijn alle pijpleidingen aanwezig, die men op ieder groot motorschip aantreft, daarenboven een stoomketel met de noodige stoom-, ketelvoedings- en brandstofolieleidingen, vervolgens voor de palmolie stoomverwarmlng, afspuit- en lading-leidingen en om dit alles in klein bestek goed onder te brengen, moesten er heel wat puzzles opgelost worden. Spr. memoreerde, dat het geheele ontwerp in Ned. Indië is uitgevoerd en dat de opdracht in concurrentie met Europa werd verkregen, zoodat de „Atjeh" een getuigenis is geworden van het kunnen der Ned. Indische industrie, welk getuigenis de belofte inhoudt, dat de technische en economische grenzen van het kunnen dier industrie nog niet bereikt zijn. Spr. gewaagde van de talrijke orders, welke de Droogdok Mij. van het Gouvernement, de K.P.M. en de olieconcerns mocht ontvangen en sprak de hoop uit, dat nieuwe opdrachten de Ned. Indische scheepsbouw-industrle tot bloei mogen brengen. Spr. noodigde vervolgens den heer de Vries uit ten teeken van het aanvaarden van de „Atjeh' namens de Directie der K.P.M. de vlag der Droogdok Mij. te strijken en die der K.P.M. te hijschen, hetgeen de heer de Vries onder net applaus der aanwezigen deed. Fier en breeduit wapperde de bekende vlag met den kroon in den Westerbries. De agent der K.P.M. te Soerabaja herhaalde de woorden van den vorigen spreker, n.l. dat het hljschen van de K.P.M.-vlag het symbool vormt van de overdracht. Het was spr. een behoefte den heer Thomson en zijn staf dank te zeggen voor de aangename samenwerking. Spr. vertelde, dat het schip reeds een dag later met een lading rijst naar Priok zou gaan en vandaar, gevuld met kunstmest naar Telok Soesoh op Sumatra's Westkust, waar het dan in de buurt van de palmolieterrelnen zal blijven varen. Spr. eindigde met de verwachting uit te spreken, dat de „Atjeh" een succes voor beide maatschappijen moge worden. Nadat er een dronk champagne gewijd was aan deze heuglijke gebeurtenls, werd de steven weer naar de haven gewend, welke tocht in ean uiterst genoeglijke stemming volbracht werd.
Uit de Indische Courant van 27 februari 1939 (alleen de technische gegevens)Midscheeps treft men de pompkamer, voorzien van een stoomlenspomp en een palmoliepomp, met een capaciteit van 50 ton per uur. Het aantal ingebouwde tanks bedraagt acht. Dan zijn daar nog de z.g. verwarmingsserpentijnen voor de verwarming van palmolie, die in kouden staat niet verpompt kan worden, en een aantal schoonspuitleidingen. Voor en achter de tanks is laadruimte aanwezig. Boven elke laadruimte staan twee tweetons laadboomen, gedreven door electrische winches. Lengte tusschen de loodlijnen: 48.40 meter. Lengte over alles: 51.90 meter. Breedte: 9.20 meter. Holte: 4 meter. Diepgang: 3.60 meter. Draagvermogen: 570 ton. Inhoud tanks: 320 ton. Ruiminhoud 17.000 kub. feet. Snelheid tijdens proeftocht: 10.4 knoop. Vermogen: 350 As P.K. Bunker-capaciteit: 30 ton dieselolie. Alle hutten en verblijven zijn muskietvrij. De hoofdmachine is een zescylinder, 4-tact diesel „Werkspoor"-motor, type T. M. S. 306, met een vermogen van 350 As P.K. Door den hoofdmotor worden direct aangedreven een koelwaterpomp, een smeeroliepomp, een lenspomp en een luchtcompressor. De motor zelf weegt 19.000 kilogram. De schroef is vervaardigd van mangaanbrons en voorzien van 2 dieseldynamo-agregaten. Alle motoren worden met zoetwater gekoeld. Het stoombedrijf bestaat uit een verticale Cochron-ketel, gestookt met dieselolie, onder een stoomdruk van 125 pond per vierkante inch. De ankerspil heeft een vermogen van 12 P.K.

1942-00-00: Begin 1942 door de Koninklijke Marine te Tjiliatjap als pompboot gevorderd. Op 6 maart 1942 te Tjiliatjap door een Japanse luchtaanval gekapseisd, gedeeltelijk uitgebrand en gezonken. Pas in mei 1943 door de Japenners gelicht en weggevoerd. September 1945 teruggevonden in Singapore. Op 11 februari 1946 uit Singapore naar de Riouw-archipel. Na herstel weer in de vaart.

1949-02-09: Op 09-02-1949 als ATJEH, zijnde een motorschip, groot 1468.07 m3, liggende te Tandjong Priok, door H. Greeuw, scheepsmeter te Tandjong Priok, voorzien van een nieuw brandmerk door het inbeitelen van 2283 Z AMST 1948 op het achterschip achterkant kombuis op bovenste versterkings hoekstaal. (Opm. De oude merken niet aanwezig bevonden.)

1958-05-30: Leeuwarder Courant 30-05-1958. K.P.M. verkocht negen schepen. Van de in Singapore liggende en ten verkoop aangeboden achttien schepen van de K.P.M. met een gezamenlijke tonnage van 24.261 brt zijn de volgende negen schepen met een gezamenlijke tonnage van 14.439 brt verkocht: „Tasman" (5.172 brt), „Van der Lijn" (2464 brt), „Valentijn' (2071 brt), deze drie schepen zijn voor de sloop bestemd, „Janssens" (2071 brt), „Toba" (983 brt). „Rokan" (535 brt). „Atjeh" (518 brt), „Paloh" (452 brt), en „Paneh" (173 brt). De laatste zes zijn bestemd voor de vaart. De sloopschepen werden aan een maatschappij in Hongkong verkocht, de schepen voor de vaart aan Chinezen in Singapore. De opgebrachte prijzen waren conform de verwachtingen, aldus de directie van de K.P.M, in Amsterdam.

2001-00-00: Na 10.2001 uit Lloyd’s verdwenen.

Ship Masters Data

Images


Description: Atjeh 1939
Image type: Photo

Description: Atjeh 1939
Image type: Photo
Sources