Name ship: BATAVIER

Terug naar de vorige pagina  |  Print record  |  Nieuwe zoekactie

Identification Data

Year built: 1855
Classification Register:
IMO number:
Nat. Official Number:
Category: Passenger-/cargo vessel
Propulsion: Steamship
Type: Ferry
Standard Ship Type:
Type Deck:
Masts:
Rig:
Lift Capacity:
Material Hull: Iron
Decks:
Construction Data

Shipbuilder: N.V. Nederlandsche Stoomboot Maatschappij, Fijenoord, Netherlands
Yardnumber: 42
Sub-contractor Hull: none,
Date Laid Down:
Launch Date: 1855-03-29
Delivery Date: 1855-08-03
Technical Data

Engine Manufacturer: N.V. Nederlandsche Stoomboot Maatschappij, Fijenoord, Netherlands
Engine Type: Steam, Simple
Number of Cylinders: 2
Power: 300
Power Unit: IHP (IPK)
Eng. additional info: paddle steamer
Speed in knots: 8.00
Number of screws:
 
Gross Tonnage: 645.00 Gross tonnage
Net Tonnage: 410.00 Net tonnage
Deadweight:
 
Length 1: 62.40 Meters Registered
Beam: 5.44 Meters Registered
Depth: 3.76 Meters Registered
Draught:
 
Passengers:
1st 2nd 3rd Steerage Deck Total
0 0 0 0 0 0
Configuration Changes

Certificate of Registry
Year registered 1855
Number in register 729
Name ship BATAVIER
Type Schroefstoomboot
Lasts 216
Built province/country ,
Binnenland
Remarks
Date agenda 1855-08-17
Passport requested by Ned. Stoomboot Mij
City Rotterdam
Master at time of request Smith, W.
Harbour
Other Remarks
Ship History Data

Date/Name Ship 1855-08-00 BATAVIER
Manager: Nederlandsche Stoomboot Maatschappij N.V., Rotterdam, Netherlands
Owner: Nederlandsche Stoomboot Maatschappij N.V., Rotterdam, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Rotterdam / Netherlands
Callsign: NGQT
Additional info:

Ship Events Data

1855-09-09: Type: Building History
NRC 300355. Rotterdam, 29 maart. Van de werf der Nederlandsche Stoomboot Maatschappij te Fijenoord is heden met goed gevolg te water gelaten het ijzeren stoomschip BATAVIER, bestemd voor de vaart tussen Rotterdam en Londen.
NRC 040855. Hellevoetsluis, 3 augustus. Het stoomschip BATAVIER is heden van hier naar zee vertrokken. (opm: de technische proeftocht)
De Stoompost, 9 september 1855. Met welgevallen nemen wij het gunstig oordeel over van de vreemdeling ten aanzien van het nieuw in de vaart gebrachte Nederlandse stoomschip BATAVIER, gezagvoerder W. Smith, dat in de tweede helft der vorige maand voor het eerst binnen de Engelse haven (opm: Londen) binnenkwam en niettegenstaande het stormachtige weder 9 mijl in het uur had gelopen. De volgende dag deed dat stoomschip een feestelijke proeftocht, waaraan vele vooraanstaande Engelse en Nederlandse kooplieden deelnamen. De fraai getooide en van binnen allersierlijkst ingerichte boot stoomde met aan boord de aan het feest deelnemende genodigden naar Gravesend, alwaar aan boord een gastmaal plaatshad, bij welke het aan feestdronken niet ontbroken heeft. Gemelde stoomboot, welke de andere van dezelfde naam, die 26 jaar lang de dienst tussen Rotterdam en Londen heeft waargenomen, vervangt, en te Fijenoord gebouwd is, telt 650 tonnen inhoud met een lengte van 218 voet en een machine van 250 pk lage drukking. Ook wordt haar inwendige verdeling als bijzonder gemakkelijk voor de passagiers zeer geroemd.

1872-10-19: Type: Collision
Final Fate: Op 19 october 1872 is de BATAVIER, op reis van Londen naar Rotterdam met passagiers en een lading, bestaande uit onder meer koffie, katoen, wol en tabak, gezonken op de Thames t.h.v. Barking Reach na aanvaring met een Turks oorlogstoomschip. Alle opvarenden zijn gered. Op 9 november 1872 is het voorschip (lengte 50 voet) gelicht en op strand gezet te Long Reach; op 21 november is het resterende scheepsdeel gelicht. Op 23 januari 1873 is het wrak te Londen verkocht voor sloop.

opm: Via onderzoek door Dennis Feary in het Public Record Office, Kew, dat heeft plaatsgehad in de zomer van 2003, is aan het licht gekomen, dat de aanvaring plaats vond met het Turkse schroef-fregat MUBIR-I-SRUR. Dit Turkse schip is in 1848 als SARKIYE voor de Egyptische khedive gebouwd en door hem in 1849 ten geschenke gegeven aan de sultan van Turkije. Op 19 oktober 1855 maakte de MUBIR-I-SRIR een proeftocht nadat het te Millwall was voorzien van een nieuwe machine en nieuwe ketels. In de pers werd het schip in 1855 nog steeds vermeld als CHARKEISH of SARKIYE, hoewel het deze naam al sedert 1849 niet meer droeg.

bronnen:
LC 251072. Rotterdam, 21 oktober. Zaterdag is alhier het bericht ontvangen, dat de stoomboot BATAVIER, varende op Londen, tengevolge van een aanvaring is gezonken. Wij vernemen omtrent het verongelukken van deze bodem en wat daartoe aanleiding gaf, de volgende bijzonderheden van een der passagiers. Terwijl de BATAVIER de Theems afvoer met bestemming naar Rotterdam, kwam een groot stoomschip onder Turkse vlag, naar gissing 3000 ton, met volle vloed de Theems opzetten en liep door een verkeerde manoeuvre de BATAVIER aan stuurboord achter de boeg in en met zulk een kracht, dat deze spoedig vol water liep en in de diepte wegzonk. De passagiers hadden slechts de tijd hun lijf te bergen, en zowel dames als heren, toonden, door de nood gedrongen, een ongekende vaardigheid in het overklimmen op de Turkse boot. Alleen een klein kind, van ongeveer 6 jaren, stond aan de kajuitstrap en scheen, door het water midscheeps, ogenschijnlijk reddeloos. Gelukkig werd dit ontdekt door de loods Knudsen, die de KOSMOPOLIET III tot Wight uitgeleide gedaan had, en nu per BATAVIER terugkeerde. In een oogwenk had hij zijn zeelaarzen uit en langs de loopplank over de BATAVIER door het water badende, het kind bereikt en op zijn schouders geladen, doch keerde nauwelijks terug, of de BATAVIER zonk weg en, zonder een nabij zijnde sloep was hij misschien het slachtoffer van zijn menslievendheid geworden. De passagiers te Londen teruggekeerd, werden vandaar over Harwich door de zorg der agenten van de Nederlandsche Stoomboot Maatschappij verder gezonden.
ZZN 241072. Zaterdagmiddag is het stoomschip BATAVIER, van de Ned. Stoomboot-Maatschappij, op de Theems bij Londen door een aanvaring gezonken. Aan de N.Rott.Ct. ontlenen wij de volgende bijzonderheden omtrent deze ramp. Terwijl het schip tussen 12 en 1 uur s namiddags van Blackwall naar Gravesend de rivier afvoer, met bestemming naar Rotterdam, en een volle lading, benevens een aantal passagiers aan boord, ontmoette men een groot stoomschip onder Turkse vlag, naar gissing van 1500 ton, zoals later bleek de CHARKEISH genaamd, dat met de vloed achter zich in volle vaart de koers naar Londen zette. De BATAVIER bleef in de goede richting doorvaren en gebruikte het roer zoveel nodig was om de tegenligger op ruime afstand te mijden. Doch het andere schip schijnt een overeenkomstige manoeuvre in geheel verkeerde zin te hebben gemaakt. Althans het kwam buiten zijn koers in volle vaart dwars in de zijde van het Nederlandse schip lopen, overstoomde het letterlijk en met zoveel geweld, dat het over de gehele breedte van de BATAVIER inliep, die, nadat de Turkse stomer de werktuigen achteruit deed slaan, tussen de voorkajuit en de fokkemast in tween gescheiden was, spoedig vol water liep en binnen weinige minuten in een diepte van meer dan dertig voet wegzonk. De meerderheid van de passagiers en opvarenden hadden te nauwernood de tijd om in allerijl en met achterlating van alles op het Turkse stoomschip over te klimmen; zij keerden daarmee naar Londen terug en werden door de zorg van de agenten van de Nederlandse Stoomboot-Maatschappij over Harwich met een der boten van de Great Eastern Steam Navigation Company naar Rotterdam bestemd.
ZZN 261072 En der passagiers aan boord van de verongelukte stoomboot BATAVIER deelt omtrent deze ramp het volgende mee:
Vermoeid kwam ik na een nachtelijk spoorrit van Edinburgh, zaterdagsmorgens te Londen aan. Ik begaf mij dadelijk naar de BATAVIER, om mijn reis naar Rotterdam voort te zetten. Omstreeks 10 uur stak deze van wal. Ik was dadelijk naar de achterkajuit gegaan en had mij daar met het hoofd op mijn reistas neergelegd, in de zoete verwachting mijn vermoeid lichaam door enige uren rust te verkwikken. Na verloop van een paar uren, terwijl wij dus nog op de Theems waren, werd ik gewekt door een geduchte schok, gevolgd door zulk een afgrijselijk alarm, dat ik in woeste vaart, zonder aan iets bepaald te denken, naar boven vloog. Op mijn bagage lette ik niet, evenmin als op mijn hoed, die ik mij herinner wel opgezet, maar door het stoten tegen een voorwerp verloren te hebben. Blootshoofds kwam ik dus op het dek. Welk een schouwspel. Onze stomer was door een andere grotere aangevaren, die later bleek een Turk te zijn. Velen der vlugste passagiers waren al op de Turk overgesprongen, terwijl anderen kwamen aanstormen onder wilde gebaren en ijselijk gegil, vooral van de dames. (Nen dplaise het schoon geslacht!) Kortom het was een algemeen sauve qui peut.
Snel sprong ik naar een eind touw, dat boven mijn hoofd schommelde, palmde mij vlug naar boven tot op de hoogte van de verschansing van de Turk, vanwaar mij nog vele hulpvaardige handen toegestoken werden, en werd aldus binnen boord getrokken.
Nu kon ik van mijn eerste schrik bekomen, rondom mij zien. Binnen een minuut of 7 was de BATAVIER gezonken. De overige passagiers, omstreeks 60, moesten zich zelf maar zien te redden, daar de Turkse bemanning geen boot uit kon zetten. Wel kwamen er verscheidene boten toeschieten van verschillende zijden, maar de tijd was kostbaar. Velen redden zich dan ook, door tegen den Turk op te klauteren. Ik zag drie dames, waarvan de oudste aan de rokken der volgende, en die weder aan de japon der bovenste hing, als schakels van een keten, veilig door de Turkse bemanning binnen boord ophalen. Een vrouw sprong met een kind, plomp verloren in een bootje, dat ter hulp kwam en miste toen haar ander kind, hetwelk, zonder dat zij het wist, reeds gered was. De laatste passagier, een Rotterdamse bediende zo ik hoorde, moest zelfs nog in het water springen en een eind zwemmen. Maar enfin, eindelijk waren allen gelukkig gered. Ik bleef op den Turk, waar velen met mij liefderijk behandeld werden. De aldaar aanwezige dokter wendde bij enige dames aderlatingen aan en verder konden wij over alles beschikken wat wij behoefden. Zo ik hoorde, hield onze boot de koers goed, maar door een misverstand stuurde het Turkse stoomschip recht op ons aan, in de mening dat wij voor hem zouden wijken. Bij ons deed en dacht men ook zo, en van daar de vreselijke botsing, die zulk een groot en flink schip als de BATAVIER, binnen zo weinig tijds ten grondde richtte. Bij onze terugkomst te Londen gaven wij aan de reders van de BATAVIER successivelijk onze schade op. Een aanwezige Belg had plm. 17,000 gulden verloren. Gelukkig bedraagt mijn verlies slechts een paar honderd gulden, daar ik mijn portefeuille bij mij had. Ik vernam, dat de Turk zou gesommeerd worden de schade te betalen. Kort daarop werden wij met de trein naar Harwich gebracht, van waar wij Zondagmorgen te 4 uur naar Rotterdam afstaken. Aldaar arriveerden wij te 4 uur namiddags, wat mij betreft met een dankbaar hart aan de voorzienigheid, die ons bewaard had, in een ongeluk, dat in de nacht ongetwijfeld niet zonder verlies van vele mensenlevens zou zijn afgelopen.
ZZN 311072 Londen, 26 oktober. Verscheidene kettingen zijn onder het gezonken stoomschip BATAVIER door genomen en twee grote lichters zijn van de werf te Sheerness opontboden om het schip te helpen lichten. De kist, die volgens zeggen een grote som geld bevat en aan n der passagiers toebehoorde, is nog niet gevonden, alhoewel verscheidene boten zijn gebezigd om er naar te vissen. Men zegt dat de onfortuinlijke passagier verzuimd had die som gelds te assureren of de kist als lading in te doen inschrijven. De kist had op dek gestaan en is ongetwijfeld door de aanvaring over boord geraakt. Officieren van het Custom House zijn op wacht gesteld bij het wrak. Enige balen van de lading zijn gebarsten naar boven gekomen. Men gelooft dat het schip bij het eerstvolgende springtij zal gelicht worden.
ZZC 301072
Volgens latere berichtenis beslag gelegd op het Turkse schip, dat de oorzaak geweest is van het zinken van de BATAVIER. De bemanning van de Turk bestond geheel uit Egyptenaren en Turken, die niets van de gegeven bevelen begrepen.
ZZN 051172
Van de BATAVIER is tot dusver niets zichtbaar dan een stuk van de mast en een schoorsteenpijp. Reeds is men er in geslaagd acht kettingen onder door het wrak te haklen, en als er nog vier dergelijke geplaatst zijn, hoopt men het schip aanstaande maandag bij vloed te kunnen lichten. Inmiddels hebben de duikers verschillende voorwerpen boven water gebracht, o.a. een kistje met ongeveer 800 pond sterling, toebehorende aan een Hollandse jood. De koffie die de BATAVIER aan boord had, is door het water gezwollen en heeft niet alleen de balen doen springen, maar ook het dek opgelicht. De klok uit de eetzaal is op 1 uur 15 minuten blijven stilstaan, dat is dus het juiste tijdstip waarop de ramp plaatsgreep.
ZZN 091172. Jongsleden maandag werd een poging gedaan tot lichten van het wrak van de BATAVIER. Negen grote lichters werden met laag water bevestigd aan de onder het wrak doorgehaalde kettingen; zij moesten met de vloed rijzen en zo, naar men hoopte, het wrak tillen. De gelegenheid was bijzonder gunstig, daar na lage eb, een springtij volgde. Desniettemin mocht de onderneming niet gelukken. Wel steeg het water met de vloed niet minder dan 20 voet, wel rezen ook tot zekere hoogt de lichters; maar het wrak bleef onbeweeglijk. Eindelijk brak n der kettingen, zodat men voor het ogenblik de taak moest opgeven. Men vreest, dat zich een te grote massa modder in het hol heeft opgehoopt. Echter werd alles gereed gemaakt voor een nieuwe poging.
ZZC 131172. De Board of Trade heeft geweigerd een gerechtelijk onderzoek in te stellen naar de oorzaken van de aanvaring van de BATAVIER, daar het feit, dat beide buitenlandse schepen zijn, de kennisname van deze zaak aan zijn competentie onttrekt. De zaak zal echter waarschijnlijk voor de Admiralty Court beslist worden.
ZZN 261172. Eindelijk is men er in geslaagd het wrak van de BATAVIER te lichten en 100 yards dichter bij de oever te brengen. Er waren niet minder dan elf kettingen onder het schip en met het opkomen van het tij zag men dadelijk dat thans de pogingen met een goede uitslag zouden worden bekroond. Het wrak ligt thans buiten het gewone vaarwater, maar men zal trachten het nog nader op de oever te slepen. Het dek is door de kracht van het water geheel uit het verband gerukt en een groot gedeelte der lading is naar de Victoria Docks overgebracht, waar het zal worden verkocht.


Ship Masters Data

Date from: 1855
Captain: Smith, William
College:
Flagnumber: 0
Other information: 0

Date from: 1869
Captain: Stuit, J.H.
College:
Flagnumber: 0
Other information: 0

Images


Description: Deze prent van de BATAVIER betreft waarschijnlijk het stoomschip van 1855. De naam van het schip is leesbaar in de wimpel aan de fokkemast.
Image type: Drawing
Sources